‘Daarom kan Hij ook volkomen zalig maken wie door Hem tot God gaan, omdat Hij altijd leeft om voor hen te pleiten’ (Hebreeën 7:25).
Dit vers leert ons dat Jezus ons volkomen — voor altijd — zalig kan maken omdat Hij altijd leeft om voor ons te pleiten. Met andere woorden: Hij zou ons niet voor altijd kunnen zaligmaken als Hij niet altijd voor ons zou pleiten.
Dit betekent dat onze zaligheid even zeker is als het priesterschap van Christus onverwoestbaar is. Daarom hadden we ook een priester nodig die zoveel groter was dan een mens. De goddelijke natuur van Christus garandeert ons dat Zijn priesterschap onverwoestbaar is.
Dat betekent dat we niet op een statische manier over onze zaligheid moeten spreken, zoals we dat vaak doen — alsof ik ooit iets heb gedaan toen ik een keuze gemaakt heb en Christus ooit iets heeft gedaan toen Hij stierf en opstond uit de dood, en dat is dan alles. Dat is niet alles.
Vandaag, op deze dag, word ik zalig vanwege de eeuwige voorspraak van Jezus in de hemel. Jezus bidt voor ons en dat is onze zaligheid.
We worden voor eeuwig zalig door eeuwige gebeden (Romeinen 8:34) en door een eeuwige voorspraak (1 Johannes 2:1) van Jezus als onze Hogepriester in de hemel. Hij bidt voor ons en Zijn gebeden worden verhoord omdat Hij volmaakt bidt, op grond van Zijn volmaakte offer.
Beschikbaar gesteld door DesiringGod.org