‘Want dit alles gebeurt ter wille van u, opdat de genade, die meer en meer is toegenomen, door de dankzegging van velen overvloedig wordt tot verheerlijking van God’ (2 Korinthe 4:15).
Dankbaarheid is vreugde naar God toe, vanwege Zijn genade. Het is inherent aan dankbaarheid dat het de gever verheerlijkt. Door dankbaar te zijn erken je dat je zelf iets nodig hebt en dat de gever het goede voor anderen zoekt.
Net zoals ik in een restaurant zelf een stapje terug doe en de serveerster in het zonnetje zet als ik haar bedank, zo verootmoedig ik mijzelf en verheerlijk ik God ook als ik dankbaar ben jegens Hem. Het verschil is natuurlijk dat ik voor altijd in de schuld sta bij God vanwege Zijn genade, en dat alles wat Hij voor mij doet gratis en onverdiend is.
Maar het gaat me erom dat dankbaarheid de gever verheerlijkt. Het verheerlijkt God. En dat heeft Paulus uiteindelijk steeds voor ogen in al zijn werk: hij doet het voor de gemeente – jazeker; maar vooral en bovenal doet hij het met het oog op de glorie van God.
Het bijzondere van het Evangelie is het een reactie van ons vraagt die niet alleen tot Gods eer is, maar voor ons ook het meest natuurlijk aanvoelt en ons de meeste vreugde geeft, namelijk dankbaarheid vanwege Gods genade. Gods eer en onze blijdschap zijn geen concurrenten.
Een leven dat God de eer geeft vanwege Zijn genade valt samen met een leven in de diepste blijdschap die je je kunt voorstellen. Dankbaarheid brengt die twee samen.
Beschikbaar gesteld door DesiringGod.org