Onwankelbare Vreugde

Maria's grote God

Dag 337 van 366 · 2 december 2026
92%

‘Mijn ziel maakt de Heere groot, en mijn geest verheugt zich in God, mijn Zaligmaker, omdat Hij heeft omgezien naar de nederige staat van Zijn dienares. Want zie, van nu aan zullen alle geslachten mij zalig spreken, want Hij Die machtig is, heeft grote dingen aan mij gedaan en heilig is Zijn Naam. En Zijn barmhartigheid is van geslacht tot geslacht over hen die Hem vrezen. Hij heeft een krachtig werk gedaan door Zijn arm. Hij heeft hen die hoogmoedig zijn in de gedachten van hun hart, uiteengedreven. Hij heeft machtigen van de troon gestoten en nederigen heeft Hij verhoogd. Hongerigen heeft Hij met goede gaven verzadigd en rijken heeft Hij met lege handen weggezonden. Hij heeft het opgenomen voor Israël, Zijn knecht, door aan Zijn barmhartigheid te denken, zoals Hij gesproken heeft tot onze vaderen, tot Abraham en zijn nageslacht, tot in eeuwigheid’ (Lukas 1:46-55).


Maria heeft helder zicht gekregen op iets heel bijzonders: God staat op punt om in te grijpen in de wereldgeschiedenis; de belangrijkste dertig jaar van de geschiedenis zullen over niet al te lange tijd aanbreken.


En wat is God aan het doen? Hij is aan het werk in het leven van twee onbekende, heel gewone vrouwen — een oude, onvruchtbare vrouw (Elizabeth) en een jonge, ongetrouwde vrouw (Maria). Maria is zo geraakt door Gods liefde voor het nederige en onaanzienlijke, dat ze ervan begint te zingen — het lied dat ze zingt wordt ook wel het ‘Magnificat’ genoemd (Lukas 1:46-55).


Lukas zet Maria en Elizabeth neer als echte helden. Hij heeft bewondering voor het geloof van deze twee vrouwen. Vooral de onaanzienlijkheid en de vreugdevolle nederigheid van Elizabeth en Maria lijken veel indruk op hem te maken, en dat is ook wat hij aan zijn geliefde lezer Theofilus wil laten zien.


Elizabeth zegt: ‘En waaraan heb ik dit te danken dat de moeder van mijn Heere naar mij toe komt?’ (Lukas 1:43). En Maria zegt: ‘Hij heeft omgezien naar de nederige staat van Zijn dienares’ (Lukas 1:48).


Onze ziel kan de Heere pas echt groot maken als we zijn zoals Elizabeth en Maria — als we onze nederige staat erkennen en overweldigd worden doordat de grote God naar ons wil omzien.

Beschikbaar gesteld door DesiringGod.org

Gerelateerde artikelen

Alle