‘Toen zei God verder tegen Mozes: Dit moet u tegen de Israëlieten zeggen: De HEERE, de God van uw vaderen, de God van Abraham, de God van Izak en de God van Jakob, heeft mij naar u toe gezonden. Dit is voor eeuwig Mijn Naam, dit is Mijn Naam ter gedachtenis, van generatie op generatie’ (Exodus 3:15).
De naam van God wordt in onze Bijbel vrijwel altijd vertaald met HEERE (met vijf hoofdletters dus). In het Hebreeuws staat er dan een woord dat waarschijnlijk uitgesproken werd als ‘Jahweh’; dat is afgeleid van het woord dat ‘Ik ben’ betekent.
Dus elke keer als we het woord Jahweh horen en elke keer als we HEERE in onze Bijbel zien staan, moeten we bedenken dat dit een eigennaam is, zoals Jan of Peter, en dat het te maken heeft met het Hebreeuwse woord voor ‘Ik ben’. Dat herinnert ons eraan dat God er altijd is.
De naam Jahweh zegt ons zeker tien dingen over God.
1. Hij heeft nooit een begin gehad. Elk kind vraagt wel een keer: ‘Wie heeft God gemaakt?’ en elke verstandige ouder zegt dan: ‘Niemand. God is er gewoon. Hij is er altijd al geweest en heeft geen begin.’
2. God zal nooit eindigen. Zoals Hij niet is ontstaan, zo kan Hij ook niet ophouden te bestaan. Hij is er altijd.
3. God is absolute werkelijkheid. Er is geen werkelijkheid die aan Hem vooraf is gegaan. Er gaat geen werkelijkheid buiten Hem om — tenzij Hij dat wil en Zelf zo'n werkelijkheid schept. Hij is alles wat er van eeuwigheid was. Geen heelal, geen universum, geen leegte. Alleen God.
4. God is van niets en niemand afhankelijk. Er is niemand die ervoor gezorgd heeft dat Hij is ontstaan; er is niemand die Hem steunt of adviseert, niemand die Hem gemaakt heeft tot Wie Hij is.
5. Alles wat geen God is, is volledig van Hem afhankelijk. Het complete heelal is aan Hem ondergeschikt. God heeft het in aanzijn geroepen en het blijft bestaan zolang God beslist dat Hij het in stand wil houden.
6. Het complete heelal valt in het niet bij God. De werkelijkheid die afhankelijk is van God is vergeleken met de absolute, onafhankelijke werkelijkheid van God Zelf zoiets als een echo vergeleken met een zware donderslag. Alles in deze wereld en in de sterrenstelsels waarover we ons kunnen verwonderen, is niets vergeleken met God.
7. God is constant. Hij is gisteren, vandaag en eeuwig Dezelfde. Er kan aan Hem niets bijgewerkt worden. Hij is niet aan verandering onderhevig. Hij is Wie Hij is.
8. God is het absolute uitgangspunt als het gaat om waarheid, goedheid en schoonheid. Er is geen wetboek waaruit Hij moet afleiden wat goed is. Er is geen kalender die Hem allerlei dingen voorschrijft. Geen gilde dat bepaalt wat van goede kwaliteit en wat echt vakwerk is. Hijzelf is de standaard van wat goed, waar en mooi is.
9. God doet wat Hij wil en dat is altijd goed, altijd mooi en altijd in overeenstemming met de waarheid. Alle werkelijkheid buiten Hem heeft Hij Zelf geschapen en vormgegeven, en valt onder Zijn bestuur. Hij heeft dus nooit te maken met beperkingen die niet voortkomen uit de raad van Zijn eigen wil.
10. God is het belangrijkste en het meest waardevolle wat er bestaat. Hij is, meer dan alle andere werkelijkheden (inclusief het complete heelal) onze tijd, onze aandacht en onze bewondering waard.
Beschikbaar gesteld door DesiringGod.org