God echter bevestigt Zijn liefde voor ons daarin dat Christus  voor ons gestorven is toen wij nog zondaars waren. Veel meer dan zullen wij, nu wij gerechtvaardigd zijn door Zijn bloed, door Hem behouden worden van de toorn. Want als wij, toen wij vijanden waren, met God verzoend zijn door de dood van Zijn Zoon, hoeveel te meer zullen wij behouden worden door Zijn leven, omdat wij verzoend zijn. En dit niet alleen, maar wij roemen ook in God, door onze Heere Jezus Christus, door Wie wij nu de verzoening ontvangen hebben. (Romeinen 5:8-11)


God echter bevestigt Zijn liefde voor ons daarin dat Christus  voor ons gestorven is toen wij nog zondaars waren. Veel meer dan zullen wij, nu wij gerechtvaardigd zijn door Zijn bloed, door Hem behouden worden van de toorn. Want als wij, toen wij vijanden waren, met God verzoend zijn door de dood van Zijn Zoon, hoeveel te meer zullen wij behouden worden door Zijn leven, omdat wij verzoend zijn. En dit niet alleen, maar wij roemen ook in God, door onze Heere Jezus Christus, door Wie wij nu de verzoening ontvangen hebben. (Romeinen 5:8-11)


Als je zelf de verantwoordelijkheid neemt voor je zonden, mijn vrienden, dan is er maar een plaats waar je terecht komt — rechtstreeks in de toorn van God. Er wordt door Moslims geen heilige God gepresenteerd. We zien een god die naar zonde kan knipogen. Er staat een verhaal in de Hadith, ik zal het kort voor jullie vertellen.

Eerlijke vergeving?

Mohammed vertelde ons over een man die negenennegentig mensen had gedood, hij ging naar een priester en hij vroeg of God zijn berouw zou accepteren. Toen de priester zei: “God zal je berouw niet accepteren” doodde hij de priester, dus toen had hij honderd mensen gedood. Vervolgens gaat hij naar een andere man, die wat wijzer leek dan priester en vroeg: “Hoe kan God mijn berouw accepteren?” De man antwoordde: “Als je naar een bepaalde plek gaat zullen ze je vertellen hoe God je berouw zal accepteren. Nu, terwijl hij onderweg is, breekt de tijd van zijn dood aan, de engelen komen en discussiëren over zijn ziel. En Allah besluit dat, als hij dichterbij de stad is waar hij naar toe gaat dan waar hij vandaan komt, hij naar het paradijs zal gaan. Als hij dichterbij de stad is waar hij vandaan kwam zal hij naar het helse vuur gaan. En Allah laat de aarde krimpen tussen de man en de stad waar hij naar toe ging. Zo is hij net dichterbij de stad waar hij naar toe ging. En zo gaat hij naar het paradijs.

Nou, dat klinkt als een heel barmhartig verhaal. Maar er is een probleem, en dat is dat Gods wet tegen moordenaars niet is vervuld. De zonde van deze man is niet verzoend. Gods heerlijkheid is bezoedeld. En toch gaat deze man op een of andere manier naar het paradijs. Op welke grond? Hoe wordt Gods heerlijkheid getoond in zo’n daad van vergeving? Die wordt niet getoond. En dat is het verschil tussen ons vanavond.

We hoorden het zeggen: “Ik wil niet dat een onschuldige mijn zonden neemt.” Iemand moet je zonden nemen want je staat voor een heilige God, de God van de Bijbel. Die God kende Mohammed niet. Hij kende de Bijbel niet, hij was onbekend met de Bijbel. Hij dacht dat hij in overeenstemming preekte met de Bijbel maar dat deed hij niet. Hij sprak de Bijbel telkens weer tegen. Hij was geen profeet van God. Het bewijst dat hij geen profeet van God was omdat een profeet van God zou geweten hebben wat er in de geschriften stond die al bestonden rond die tijd en op die plaats. En zo sprak hij tegen wat de Bijbel zei.

Hij wist niets over de heiligheid van God en zo heeft hij mensen op een dwaalspoor gebracht. Dat is geen excuus voor ons vandaag. Wij kunnen de Bijbel bekijken, we weten wat de Bijbel zegt, we kunnen het vergelijken met de Koran en we zien dat de Koran later komt. De Koran stelt in overeenstemming te zijn met de Tora en de Indjil, dat is de Koran niet, en daarom moeten we de Koran verwerpen.

God is eerlijk

Er werd een voorbeeld gebruikt door meneer Zaatari, ik hoop dat je begrijpt hoe anders het is. Meneer Zaatari stond voor ons en zei: “Ik verwerp dit Evangelie, ik verwerp dit idee om Jezus aan te nemen als mijn Redder.” Gelukkig is er één ding heel duidelijk deze avond en dat is dat mijn Moslimvriend het Evangelie dat hij verwerpt niet begrijpt. Want wat was het voorbeeld dat hij gebruikte? Er is een man die voor een rechter staat en hij is schuldig. En nu komt Bob binnen en de rechter zegt: “Ik neem jou straf en leg die op Bob, op een onschuldige.” Hij zegt: “Is dat gerechtigheid?” En we kunnen allemaal zeggen: “Nee, dat is niet recht.” En hopelijk, als je vanavond Christen bent, kun je er in je gedachten aan toevoegen: “En dat heeft ook niets met het Christendom te maken.” En als je op deze manier denkt, heb je geen idee waar je het over hebt. Want dat is niet wat er gebeurt. In plaats daar van, zie je: De Rechter heeft terecht iemand veroordeeld om zijn slechte daden en dan komt de Zoon van de Rechter binnen, en de Zoon komt vrijwillig. De Zoon van de Rechter is een volmaakt mens. Hij kan werkelijk de straf dragen die aan iemand anders is toegeschreven. Hij heeft zelf geen straf verdiend. En Hij komt vrijwillig, ja, het was het doel van de Vader en de Zoon, het was precies wat er zou gebeuren. En zo komt Hij vrijwillig en uit liefde draagt hij de straf voor die zonde.

En dit, dit is nog iets wat meneer Zaatari vanavond heeft gemist. God laat de mens niet zomaar in zijn toestand. De Geest van God komt en veranderd zijn hart. De hele waarheid van wedergeboorte mistte vanavond volledig in het reactie van meneer Zaatari op de Bijbelse interpretatie. God legt mijn zonden niet alleen op Jezus, ook rekent Hij mij Jezus’ gerechtigheid toe zodat ik voor een heilige en rechtvaardige God kan staan. Hij veranderd ook mijn hart.

We redden het zelf nooit

Hoe vaak hebben we het deze avond gehoord: “De Moslim moet dit doen, de Moslim moet dat doen en de Moslim moet vasten.” Sami vertelde ons dat hij vandaag heeft gevast omdat het Ramadan is. “We moeten bidden, we moeten de Hadj doen, we moeten al deze dingen doen en we moeten de Sjahada opzeggen.” Je moet al deze dingen doen. De Moslim doet, doet, doet. En de Christen zegt: “Jezus deed het volmaakt in mijn plaats.” Hij zegt: “O, maar we moeten de verantwoordelijkheid nemen.” Mijn vriend, alles wat Sami ons verteld heeft te doen en wat de Moslims moeten doen, zijn als een bezoedeld kleed voor een heilige God. Hij zei: “O, wij Moslims zijn heel erg nederig.” Als je denkt dat je vasten, je bedevaarten, het geven van de zakat en je vroege opstaan voor het Fajr-gebed om tien voor half vijf in de morgen tijdens de zomer op een of andere manier indruk moet maken op een heilige God, dan heb je de God van de Bijbel nog niet ontmoet. Want zodra je ook maar het kleinste beetje voldoening vindt in wat jij hebt gedaan, heb je deze dingen bezoedeld. Deze dingen helpen niet voor een heilige God. Dat is geen nederigheid, dat is de trots van eigengerechtigheid die een mens weerhoud van het Evangelie van Jezus Christus.

Genade

Mijn vrienden, meneer Zaatari stond voor ons en zei: “Is dat gerechtigheid?” Nee, het kruis is ontzettend belangrijk voor gerechtigheid, God is een rechtvaardige God. God heeft al van voor de eeuwigheid bepaald dat Hij het volledige scala van Zijn eigenschappen zou gaan weergeven. Hij zou Zijn gerechtigheid en Zijn toorn tonen en Hij zou Zijn liefde en barmhartigheid tonen, en Hij deed dat in Jezus Christus. Maar het kruis is voor mij geen gerechtigheid, het is niet eerlijk, het is genade. En wanneer de Geest van God je hart en je geest opent zodat je je ware plaats tegenover God begrijpt zul je niet roepen om gerechtigheid, je zult roepen om genade.

Het recht zal geschieden. Elke zonde zal gestraft worden. Die zal ofwel gestraft worden in de zondaar — die de genadige uitnodiging van God om tot Hem te komen verwerpt. Of, God zij dank, wordt de zonde gestraft in de volmaakte Plaatsvervanger.

Het kruis

Mijn vriend, als je naar het kruis van Christus kijkt en je ziet in dat kruis niet Gods toorn over de zonde, dan zie je maar een deel van het kruis. Als je naar het kruis van Christus kijkt, hoop ik dat je  Gods toorn over de zonde ziet die in al zijn grimmigheid uitgestort wordt op de Plaatsvervanger, Jezus Christus. Want alleen als je die donkere achtergrond ziet kun je het beginnen te begrijpen. De diepte van liefde van Christus voor Zijn mensen die daarin getoond wordt. Daarom heb ik Galaten 2:20 aangehaald: “Ik ben met Christus gekruisigd.” Dat is de belijdenis van de gelovige. Ik ben gestorven, ik kan niet langer leven met mijn eigen lusten en mijn eigen verlangens. Ik ben gestorven, met Hem. Zijn dood is mijn dood, Zijn begrafenis is mijn begrafenis en Zijn opstanding is mijn opstanding. “Ik ben met Christus gekruisigd; en niet meer ik leef, maar Christus leeft in mij; en voor zover ik nu in het vlees leef, leef ik door het geloof in de Zoon van God.” En luister naar deze woorden: “…de Zoon van God, Die mij heeft liefgehad en Zichzelf voor mij heeft overgegeven.” Liefgehad en overgegeven staan in de aorist (grammaticale term uit de Griekse taal). Ze zijn één enkele handeling. Het is het geven van Christus. Dat toont Gods liefde voor ons. Heb je je ooit afgevraagd of God van je houdt? God heeft Zijn liefde voor jou bewezen. God heeft Zijn liefde voor jou bewezen op een manier die niet te betwijfelen is.

Heeft Allah zijn liefde bewezen? Nee. De Moslim heeft geen zekerheid want de Moslim heeft geen middelaar. Hij heeft niemand die in zijn plaats kan staan. Hij moet voor een heilige God verschijnen en hij weet niet of God genadig zal zijn. De reden dat een we wel kunnen geloven, en weten dat God genadig zal zijn is omdat Jezus is opgestaan uit de doden. God aanvaardde Zijn werk, wekte Hem op en zette Hem aan Zijn rechterhand. En dat is onze zekerheid van het Evangelie.

Als je zelf de verantwoordelijkheid neemt voor je zonden, mijn vrienden, dan is er maar een plaats waar je terecht komt — rechtstreeks in de toorn van God. Er wordt door Moslims geen heilige God gepresenteerd. We zien een god die naar zonde kan knipogen. Er staat een verhaal in de Hadith, ik zal het kort voor jullie vertellen.

Eerlijke vergeving?

Mohammed vertelde ons over een man die negenennegentig mensen had gedood, hij ging naar een priester en hij vroeg of God zijn berouw zou accepteren. Toen de priester zei: “God zal je berouw niet accepteren” doodde hij de priester, dus toen had hij honderd mensen gedood. Vervolgens gaat hij naar een andere man, die wat wijzer leek dan priester en vroeg: “Hoe kan God mijn berouw accepteren?” De man antwoordde: “Als je naar een bepaalde plek gaat zullen ze je vertellen hoe God je berouw zal accepteren. Nu, terwijl hij onderweg is, breekt de tijd van zijn dood aan, de engelen komen en discussiëren over zijn ziel. En Allah besluit dat, als hij dichterbij de stad is waar hij naar toe gaat dan waar hij vandaan komt, hij naar het paradijs zal gaan. Als hij dichterbij de stad is waar hij vandaan kwam zal hij naar het helse vuur gaan. En Allah laat de aarde krimpen tussen de man en de stad waar hij naar toe ging. Zo is hij net dichterbij de stad waar hij naar toe ging. En zo gaat hij naar het paradijs.

Nou, dat klinkt als een heel barmhartig verhaal. Maar er is een probleem, en dat is dat Gods wet tegen moordenaars niet is vervuld. De zonde van deze man is niet verzoend. Gods heerlijkheid is bezoedeld. En toch gaat deze man op een of andere manier naar het paradijs. Op welke grond? Hoe wordt Gods heerlijkheid getoond in zo’n daad van vergeving? Die wordt niet getoond. En dat is het verschil tussen ons vanavond.

We hoorden het zeggen: “Ik wil niet dat een onschuldige mijn zonden neemt.” Iemand moet je zonden nemen want je staat voor een heilige God, de God van de Bijbel. Die God kende Mohammed niet. Hij kende de Bijbel niet, hij was onbekend met de Bijbel. Hij dacht dat hij in overeenstemming preekte met de Bijbel maar dat deed hij niet. Hij sprak de Bijbel telkens weer tegen. Hij was geen profeet van God. Het bewijst dat hij geen profeet van God was omdat een profeet van God zou geweten hebben wat er in de geschriften stond die al bestonden rond die tijd en op die plaats. En zo sprak hij tegen wat de Bijbel zei.

Hij wist niets over de heiligheid van God en zo heeft hij mensen op een dwaalspoor gebracht. Dat is geen excuus voor ons vandaag. Wij kunnen de Bijbel bekijken, we weten wat de Bijbel zegt, we kunnen het vergelijken met de Koran en we zien dat de Koran later komt. De Koran stelt in overeenstemming te zijn met de Tora en de Indjil, dat is de Koran niet, en daarom moeten we de Koran verwerpen.

God is eerlijk

Er werd een voorbeeld gebruikt door meneer Zaatari, ik hoop dat je begrijpt hoe anders het is. Meneer Zaatari stond voor ons en zei: “Ik verwerp dit Evangelie, ik verwerp dit idee om Jezus aan te nemen als mijn Redder.” Gelukkig is er één ding heel duidelijk deze avond en dat is dat mijn Moslimvriend het Evangelie dat hij verwerpt niet begrijpt. Want wat was het voorbeeld dat hij gebruikte? Er is een man die voor een rechter staat en hij is schuldig. En nu komt Bob binnen en de rechter zegt: “Ik neem jou straf en leg die op Bob, op een onschuldige.” Hij zegt: “Is dat gerechtigheid?” En we kunnen allemaal zeggen: “Nee, dat is niet recht.” En hopelijk, als je vanavond Christen bent, kun je er in je gedachten aan toevoegen: “En dat heeft ook niets met het Christendom te maken.” En als je op deze manier denkt, heb je geen idee waar je het over hebt. Want dat is niet wat er gebeurt. In plaats daar van, zie je: De Rechter heeft terecht iemand veroordeeld om zijn slechte daden en dan komt de Zoon van de Rechter binnen, en de Zoon komt vrijwillig. De Zoon van de Rechter is een volmaakt mens. Hij kan werkelijk de straf dragen die aan iemand anders is toegeschreven. Hij heeft zelf geen straf verdiend. En Hij komt vrijwillig, ja, het was het doel van de Vader en de Zoon, het was precies wat er zou gebeuren. En zo komt Hij vrijwillig en uit liefde draagt hij de straf voor die zonde.

En dit, dit is nog iets wat meneer Zaatari vanavond heeft gemist. God laat de mens niet zomaar in zijn toestand. De Geest van God komt en veranderd zijn hart. De hele waarheid van wedergeboorte mistte vanavond volledig in het reactie van meneer Zaatari op de Bijbelse interpretatie. God legt mijn zonden niet alleen op Jezus, ook rekent Hij mij Jezus’ gerechtigheid toe zodat ik voor een heilige en rechtvaardige God kan staan. Hij veranderd ook mijn hart.

We redden het zelf nooit

Hoe vaak hebben we het deze avond gehoord: “De Moslim moet dit doen, de Moslim moet dat doen en de Moslim moet vasten.” Sami vertelde ons dat hij vandaag heeft gevast omdat het Ramadan is. “We moeten bidden, we moeten de Hadj doen, we moeten al deze dingen doen en we moeten de Sjahada opzeggen.” Je moet al deze dingen doen. De Moslim doet, doet, doet. En de Christen zegt: “Jezus deed het volmaakt in mijn plaats.” Hij zegt: “O, maar we moeten de verantwoordelijkheid nemen.” Mijn vriend, alles wat Sami ons verteld heeft te doen en wat de Moslims moeten doen, zijn als een bezoedeld kleed voor een heilige God. Hij zei: “O, wij Moslims zijn heel erg nederig.” Als je denkt dat je vasten, je bedevaarten, het geven van de zakat en je vroege opstaan voor het Fajr-gebed om tien voor half vijf in de morgen tijdens de zomer op een of andere manier indruk moet maken op een heilige God, dan heb je de God van de Bijbel nog niet ontmoet. Want zodra je ook maar het kleinste beetje voldoening vindt in wat jij hebt gedaan, heb je deze dingen bezoedeld. Deze dingen helpen niet voor een heilige God. Dat is geen nederigheid, dat is de trots van eigengerechtigheid die een mens weerhoud van het Evangelie van Jezus Christus.

Genade

Mijn vrienden, meneer Zaatari stond voor ons en zei: “Is dat gerechtigheid?” Nee, het kruis is ontzettend belangrijk voor gerechtigheid, God is een rechtvaardige God. God heeft al van voor de eeuwigheid bepaald dat Hij het volledige scala van Zijn eigenschappen zou gaan weergeven. Hij zou Zijn gerechtigheid en Zijn toorn tonen en Hij zou Zijn liefde en barmhartigheid tonen, en Hij deed dat in Jezus Christus. Maar het kruis is voor mij geen gerechtigheid, het is niet eerlijk, het is genade. En wanneer de Geest van God je hart en je geest opent zodat je je ware plaats tegenover God begrijpt zul je niet roepen om gerechtigheid, je zult roepen om genade.

Het recht zal geschieden. Elke zonde zal gestraft worden. Die zal ofwel gestraft worden in de zondaar — die de genadige uitnodiging van God om tot Hem te komen verwerpt. Of, God zij dank, wordt de zonde gestraft in de volmaakte Plaatsvervanger.

Het kruis

Mijn vriend, als je naar het kruis van Christus kijkt en je ziet in dat kruis niet Gods toorn over de zonde, dan zie je maar een deel van het kruis. Als je naar het kruis van Christus kijkt, hoop ik dat je  Gods toorn over de zonde ziet die in al zijn grimmigheid uitgestort wordt op de Plaatsvervanger, Jezus Christus. Want alleen als je die donkere achtergrond ziet kun je het beginnen te begrijpen. De diepte van liefde van Christus voor Zijn mensen die daarin getoond wordt. Daarom heb ik Galaten 2:20 aangehaald: “Ik ben met Christus gekruisigd.” Dat is de belijdenis van de gelovige. Ik ben gestorven, ik kan niet langer leven met mijn eigen lusten en mijn eigen verlangens. Ik ben gestorven, met Hem. Zijn dood is mijn dood, Zijn begrafenis is mijn begrafenis en Zijn opstanding is mijn opstanding. “Ik ben met Christus gekruisigd; en niet meer ik leef, maar Christus leeft in mij; en voor zover ik nu in het vlees leef, leef ik door het geloof in de Zoon van God.” En luister naar deze woorden: “…de Zoon van God, Die mij heeft liefgehad en Zichzelf voor mij heeft overgegeven.” Liefgehad en overgegeven staan in de aorist (grammaticale term uit de Griekse taal). Ze zijn één enkele handeling. Het is het geven van Christus. Dat toont Gods liefde voor ons. Heb je je ooit afgevraagd of God van je houdt? God heeft Zijn liefde voor jou bewezen. God heeft Zijn liefde voor jou bewezen op een manier die niet te betwijfelen is.

Heeft Allah zijn liefde bewezen? Nee. De Moslim heeft geen zekerheid want de Moslim heeft geen middelaar. Hij heeft niemand die in zijn plaats kan staan. Hij moet voor een heilige God verschijnen en hij weet niet of God genadig zal zijn. De reden dat een we wel kunnen geloven, en weten dat God genadig zal zijn is omdat Jezus is opgestaan uit de doden. God aanvaardde Zijn werk, wekte Hem op en zette Hem aan Zijn rechterhand. En dat is onze zekerheid van het Evangelie.