Ieder mens moet zich onderwerpen aan de gezagsdragers die over hem gesteld zijn, want er is geen gezag dan van God, en de gezagsdragers die er zijn, zijn door God ingesteld, zodat hij die zich verzet tegen het gezag, tegen de instelling van God ingaat, en wie daartegen ingaan, zullen over zichzelf een oordeel halen. (Romeinen 13:1-2)


Ieder mens moet zich onderwerpen aan de gezagsdragers die over hem gesteld zijn, want er is geen gezag dan van God, en de gezagsdragers die er zijn, zijn door God ingesteld, zodat hij die zich verzet tegen het gezag, tegen de instelling van God ingaat, en wie daartegen ingaan, zullen over zichzelf een oordeel halen. (Romeinen 13:1-2)


Onderwerping en gehoorzaamheid

Hoewel Romeinen 13 vaak uitgelegd wordt als “gehoorzaam de wetten van het land” of “gehoorzaam de overheid” staat er in werkelijkheid dat we “onderworpen” moeten zijn.

Natuurlijk overlappen onderwerping en gehoorzaamheid elkaar vaak, maar het is niet hetzelfde. Je kunt gehoorzamen zonder onderwerping en je kunt je onderwerpen zonder te gehoorzamen. Onderwerping is het plaatsen van jezelf onder het gezag en de toezicht van iemand anders. Dit gaat niet allereerst over je daden maar over je relatie. Onderwerping betekent: “Jij hebt de leiding, ik niet. Ik zal je oordeel eren en respecteren.”

Denk aan Daniël, Sadrach, Mesach en Abed-Nego. Zij zijn goede voorbeelden van onderwerping. Ze respecteerden de Babylonische leiders die over hen gesteld waren. Ze waren niet grof, opruiend of opstandig en ze zochten geen confrontatie. Ze eerden de koning in zijn vertegenwoordigers, maar ze waren niet altijd gehoorzaam.

  • Ze aten geen onrein voedsel (Daniël 1)
  • Ze aanbaden het standbeeld niet (Daniël 3)
  • Daniël bleef bidden tot God (Daniël 6)

Maar zelfs in hun ongehoorzaamheid onderworpen ze zich. Ze erkenden en gaven zich over aan het gezag van de koning om hen te straffen en ter dood te brengen als hij dat nodig vond.

Toen de apostel Paulus Christenen onder het Romeinse gezag opriep om zichzelf aan het heersende gezag te onderwerpen, verduidelijkte hij zijn bedoeling door dit in contrast te stellen met “verzet” (Romeinen 13:2). Het Griekse woord “weerstaan” betekent ten strijde trekken tegen iemand. Het is opstandig (zelfs gewelddadig) tegen iemand ingaan.

Onderwerping aan het heersende gezag betekent jezelf niet “verzetten” tegen dit gezag (Romeinen 13:2), het betekent dat je ze eert (1 Petrus 2:17) en het betekent dat je ze “gehoorzaamd,” maar niet wanneer ze je opdragen iets te doen wat zondig is.

Trouw zweren en onderwerping

Zoals er een verschil is tussen onderwerping en gehoorzaamheid, zo is er ook een verschil tussen onderwerping en volkomen trouw. Door te zeggen dat we onszelf moeten onderwerpen aan het heersende gezag, zegt Paulus niet dat we ons land of onze regering trouw moeten zweren. Paulus riep de Christenen in Rome niet op om een Romeinse patriot te zijn.

We kunnen een volkomen vreemde zijn in een land en onszelf toch onderwerpen aan het heersende gezag. Wanneer ik een reis maak naar China, dan zou ik mij moeten onderwerpen aan het Chinese gezag, maar ik zou China niet mijn trouw hoeven zweren. Ik zou een bijwoner en pelgrim zijn. En dat is natuurlijk ook de manier waarop we onszelf in elk land moeten zien (1 Petrus 2:11).

Het zou ironisch zijn wanneer we onszelf moeten zien als bijwoners en pelgrims op aarde, die slechts op doortocht zijn, en ons bloed toch de kleur heeft van onze nationale vlag. Zijn deze twee niet tegenstrijdig? We vinden dat we niet aan deze aarde gehecht mogen raken, waarom zou het dan wel volkomen acceptabel zijn om gehecht te raken aan een bepaald land?

Ik vind het erg moeilijk om tegelijkertijd pelgrim en patriot te zijn. Ik waardeer dit land echt enorm, maar ik respecteer de wetten en onderwerp mij aan het heersende gezag omdat ik Jezus volg. Wanneer ik moet kiezen tussen het gehoorzamen van God of het gehoorzamen van mensen, dan zal ik respect vol de wetten van het land ongehoorzaam zijn en mijzelf onderwerpen aan de straf terwijl ik op God vertrouw die mij zal rechtvaardigen en verdedigen.

Onderwerping en gehoorzaamheid

Hoewel Romeinen 13 vaak uitgelegd wordt als “gehoorzaam de wetten van het land” of “gehoorzaam de overheid” staat er in werkelijkheid dat we “onderworpen” moeten zijn.

Natuurlijk overlappen onderwerping en gehoorzaamheid elkaar vaak, maar het is niet hetzelfde. Je kunt gehoorzamen zonder onderwerping en je kunt je onderwerpen zonder te gehoorzamen. Onderwerping is het plaatsen van jezelf onder het gezag en de toezicht van iemand anders. Dit gaat niet allereerst over je daden maar over je relatie. Onderwerping betekent: “Jij hebt de leiding, ik niet. Ik zal je oordeel eren en respecteren.”

Denk aan Daniël, Sadrach, Mesach en Abed-Nego. Zij zijn goede voorbeelden van onderwerping. Ze respecteerden de Babylonische leiders die over hen gesteld waren. Ze waren niet grof, opruiend of opstandig en ze zochten geen confrontatie. Ze eerden de koning in zijn vertegenwoordigers, maar ze waren niet altijd gehoorzaam.

  • Ze aten geen onrein voedsel (Daniël 1)
  • Ze aanbaden het standbeeld niet (Daniël 3)
  • Daniël bleef bidden tot God (Daniël 6)

Maar zelfs in hun ongehoorzaamheid onderworpen ze zich. Ze erkenden en gaven zich over aan het gezag van de koning om hen te straffen en ter dood te brengen als hij dat nodig vond.

Toen de apostel Paulus Christenen onder het Romeinse gezag opriep om zichzelf aan het heersende gezag te onderwerpen, verduidelijkte hij zijn bedoeling door dit in contrast te stellen met “verzet” (Romeinen 13:2). Het Griekse woord “weerstaan” betekent ten strijde trekken tegen iemand. Het is opstandig (zelfs gewelddadig) tegen iemand ingaan.

Onderwerping aan het heersende gezag betekent jezelf niet “verzetten” tegen dit gezag (Romeinen 13:2), het betekent dat je ze eert (1 Petrus 2:17) en het betekent dat je ze “gehoorzaamd,” maar niet wanneer ze je opdragen iets te doen wat zondig is.

Trouw zweren en onderwerping

Zoals er een verschil is tussen onderwerping en gehoorzaamheid, zo is er ook een verschil tussen onderwerping en volkomen trouw. Door te zeggen dat we onszelf moeten onderwerpen aan het heersende gezag, zegt Paulus niet dat we ons land of onze regering trouw moeten zweren. Paulus riep de Christenen in Rome niet op om een Romeinse patriot te zijn.

We kunnen een volkomen vreemde zijn in een land en onszelf toch onderwerpen aan het heersende gezag. Wanneer ik een reis maak naar China, dan zou ik mij moeten onderwerpen aan het Chinese gezag, maar ik zou China niet mijn trouw hoeven zweren. Ik zou een bijwoner en pelgrim zijn. En dat is natuurlijk ook de manier waarop we onszelf in elk land moeten zien (1 Petrus 2:11).

Het zou ironisch zijn wanneer we onszelf moeten zien als bijwoners en pelgrims op aarde, die slechts op doortocht zijn, en ons bloed toch de kleur heeft van onze nationale vlag. Zijn deze twee niet tegenstrijdig? We vinden dat we niet aan deze aarde gehecht mogen raken, waarom zou het dan wel volkomen acceptabel zijn om gehecht te raken aan een bepaald land?

Ik vind het erg moeilijk om tegelijkertijd pelgrim en patriot te zijn. Ik waardeer dit land echt enorm, maar ik respecteer de wetten en onderwerp mij aan het heersende gezag omdat ik Jezus volg. Wanneer ik moet kiezen tussen het gehoorzamen van God of het gehoorzamen van mensen, dan zal ik respect vol de wetten van het land ongehoorzaam zijn en mijzelf onderwerpen aan de straf terwijl ik op God vertrouw die mij zal rechtvaardigen en verdedigen.

© Radically Christian Bron: Radicallychristian.com


© Radically Christian Bron: Radicallychristian.com