‘Schep vreugde in de HEERE, dan zal Hij u geven wat uw hart verlangt’ (Psalm 37:4).
Het zoeken van vreugde is niet iets voor de liefhebbers; het wordt ons allemaal opgedragen (in de Psalmen): ‘Schep vreugde in de HEERE, dan zal Hij u geven wat uw hart verlangt’ (Psalm 37:4).
De psalmdichters zagen hiernaar uit: ‘Zoals een hert schreeuwt naar de waterstromen, zo schreeuwt mijn ziel tot U, o God! Mijn ziel dorst naar God, naar de levende God’ (Psalm 42:2-3). ‘O God, U bent mijn God! U zoek ik vroeg in de morgen; mijn ziel dorst naar U, mijn lichaam verlangt naar U in een land, dor en dorstig, zonder water’ (Psalm 63:2).
Tegenover het motief van dorst en verlangen zien we in de psalmen het motief van verzadiging en vervulling: ‘Zij worden verzadigd met de overvloed van Uw huis; U laat hen drinken uit Uw beek vol verrukkelijke gaven’ (Psalm 36:9).
Ik heb ontdekt dat de goedheid van God, nota bene het fundament van onze aanbidding, niet iets is waar je voor de vorm respect voor toont omdat het iets is waar je toch eigenlijk ontzag voor hoort te hebben. Nee, de goedheid van God is iets waar je van mag genieten: ‘Proef en zie dat de HEERE goed is’ (Psalm 34:9).
‘Hoe zoet zijn Uw woorden voor mijn gehemelte, zoeter dan honing voor mijn mond’ (Psalm 119:103).
C.S. Lewis zegt dat God in de psalmen Degene is die alles vervult, het voedsel dat alle honger stilt. Zijn kinderen aanbidden Hem onbeschaamd voor de ‘vreugde’ en ‘blijdschap’ die ze in Hem vinden (Psalm 43:4). Hij is de bron van volmaakte en oneindige blijdschap. De Engelse vertaling verwoordt het heel mooi in Psalm 16:11: ‘Volheid van blijdschap is bij Uw aangezicht, vreugde is in Uw rechterhand, voor altijd.’
Beschikbaar gesteld door DesiringGod.org