‘HEERE, HEERE, God, barmhartig en genadig, geduldig en rijk aan goedertierenheid en trouw’ (Exodus 34:6).
God is rijk aan trouw en altijd weer liefdevol — het woord dat in het Nederlands als goedertieren wordt vertaald, is in het Engels zoiets als ‘standvastig in de liefde’.
Er komen twee beelden in me op:
Het hart van God is als een onuitputtelijke bron van water bovenin de bergen, waaruit onophoudelijk liefde en trouw omhoog borrelen.
Het hart van God is ook als een vulkaan, waarin de liefde met zoveel hitte brandt, dat de top van de berg weggeblazen wordt en jaar in jaar uit overstroomt met de lava van liefde en trouw.
Door het woord ‘rijk’ te gebruiken, wijst Hij erop dat Hij een onbeperkt saldo aan liefde tot Zijn beschikking heeft. God heeft daarmee wel iets weg van de regering: in geval van nood kan Hij gewoon meer bankbiljetten drukken om de tekorten aan te vullen
Maar het verschil is dat God een onuitputtelijke voorraad gouden liefde heeft, waarmee Hij de waarde van al dat gedrukte geld kan dekken. De regering leeft in een droomwereld, maar God kan altijd weer terugvallen op de onuitputtelijke voorraad van Zijn Godheid.
Het onbetwijfelbare bestaan van God, de soevereine vrijheid en de almacht van God vormen samen een explosieve volheid waardoor de vulkaan overstroomt van liefde. Dat God zo groot en heerlijk is, betekent dat Hij nooit een of andere tekortkoming in Zichzelf vindt die verholpen moet worden. In plaats daarvan stroomt Hij in Zijn oneindige algenoegzaamheid over van liefde voor ons, die steeds weer geholpen moeten worden.
We kunnen altijd terugvallen op Zijn liefde, juist omdat we geloven dat Zijn bestaan onbetwijfelbaar, Zijn vrijheid soeverein en Zijn kracht onbeperkt is.
Beschikbaar gesteld door DesiringGod.org