24 oktober 2016
Eén Evangelie

En allen die op de aarde wonen, zullen het aanbidden, althans van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld. (Openbaring 8:13, EV)


En allen die op de aarde wonen, zullen het aanbidden, althans van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld. (Openbaring 8:13, EV)


Mijn doel is niet alleen om het Christelijke Evangelie duidelijk en eenvoudig te maken, maar ook om het ongewoon te maken zodat het grillig en vreemd voelt in plaats van zacht en vertrouwd. Ik doe dit om er voor te zorgen dat het Evangelie van Jezus Christus je niet vreemd is in je leven als het onrustig is om je heen. Als de gebeurtenissen in deze wereld

  • je verschrikken,
  • je gespannen en slapeloos maken,
  • je zo verwarren dat je nauwelijks meer weet wat je van mensen kunt verwachten,
  • je misselijk maken door de gruweldaden die je ziet — zoals het doorsnijden van een keel op het strand in Libië,
  • er toe leiden dat je geen hoop hebt voor de toekomst vanwege alle onzekerheden en bedreigingen,
  • je het gevoel geven dat de grond onder je voeten wegzinkt zodat je niet meer in evenwicht komt en je jezelf stabiel voelt,

dan moeten we er zeker van zijn dat deze gebeurtenissen niet vreemd zijn voor het Evangelie van Jezus Christus. Het Evangelie van Jezus Christus is niet vreemd of ontoepasselijk voor die verschrikking, die spanning, die slapeloosheid, die verwarring, die misselijkmakende gruweldaad, die hopeloosheid, die onzekerheid en die instabiliteit. Integendeel, hoe verschrikkelijker, vreemder, ontstellender, angstaanjagender, onzekerder en meer misselijkmakend de dagen worden, des te relevanter is het Evangelie van Jezus Christus.

Ik beken dat ik zwak ben en dat ik hier allereerst tegen mijzelf preek. Want ik voelde de afgelopen weken, meer dan eens, een knoop in mijn maag toen 130 mensen gedood werden door de terroristische aanslag in Parijs (13 november 2015) en toen 14 mensen neergeschoten werden in San Bernardino (2 december 2015). Er komt een knoop in mijn maag als ik bijna dagelijks de alarmerende verslagen hoor van de wreedheden tegen Christenen in het Midden-Oosten. Mijn stabiliteit in deze wereld beeft als ik lees van het groeiende aantal jongeren die zich aansluiten bij ISIS, Hamas, Hezbollah en Al-Qaeda, zeker als ik realiseer dat minstens twaalf van hen uit de Somalische gemeenschap komen binnen loopafstand van mijn huis in Minneapolis.

Ik heb een soort onheilspellend en zinkend gevoel in mijn hart wanneer ik hoor dat het Vaticaan (waarschijnlijk onder het gezag van de Paus) aankondigt dat zij het nu als verkeerd beschouwen wanneer Christenen het Evangelie delen met de Joden zodat ze in Jezus kunnen gaan geloven. Dat gevoel heb ik ook wanneer ik hoor dat een professor van een Christelijke universiteit zegt dat Christenen en Moslims dezelfde God aanbidden. Of als ik lees van een presidentskandidaat die alle Moslims met dezelfde kwast van wantrouwen schildert terwijl de andere kandidaat ze, net zo naïef, allemaal met dezelfde kwast van vrede schildert. Mijn hart zonk toen ik hoorde dat de president van een Christelijke universiteit zijn 14000 studenten opriep om een wapenvergunning aan te vragen zodat ze “deze Moslims” een lesje konden leren als ze hier zouden komen. En ik wilde huilen toen ik zag hoe jonge Christenen de weg kwijtraakten en opgeslokt werden in de culturele stroom van seksuele waanzin toen het Hooggerechtshof van de Verenigde Staten verklaarde dat een vierkant een rondje is in hun nieuwe zogenaamde definitie van het huwelijk.

Ik weet wat het is om een scheiding te voelen tussen de desoriënterende gevolgen van wereldschokkende veranderingen en het gewoon geworden, zachte, vertrouwde Evangelie van Jezus Christus. Ik moest stilstaan en bidden, “O God, laat me opnieuw de onpeilbare diepten, onmetelijke hoogten en de grillige vreemdheid van het Evangelie zien zodat ik haar kracht en schoonheid kan zien in deze uiteenvallende wereld. Het Evangelie wat nauwkeurig verbonden is aan deze wereld.”

Het Evangelie, vertrouwd en zacht

Laten we beginnen met dat wat vertrouwd is en daarna het vreemde bespreken. We kijken eerst kort naar 1 Korinthe 15:1—4.

“Verder maak ik u bekend, broeders, het Evangelie, dat ik u verkondigd heb, dat u ook aangenomen hebt, waarin u ook staat, waardoor u ook verlost wordt [van Gods oordeel en toorn, Romeinen 5:9; Efeze 2:3—5], als u eraan vasthoudt zoals ik het u verkondigd heb, tenzij dat u tevergeefs geloofd hebt. Want ik heb u ten eerste overgeleverd wat ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, overeenkomstig de Schriften, en dat Hij  begraven is, en dat Hij opgewekt is op de derde dag, overeenkomstig de Schriften” (1 Korinthe 15:1—4, EV).

Let allereerst op het woord Evangelie. Je leest dat in vers 1, “Verder maak ik u bekend, broeders, het Evangelie.” Het woord evangelie betekend goed nieuws. Let vervolgens op de reactie op het Evangelie, we nemen het aan, we staan erin, we houden eraan vast en we geloven het. Verzen 1 en 2, “…het Evangelie, dat ik u verkondigd heb, dat u ook aangenomen hebt, waarin u ook staat, waardoor u ook verlost wordt als u eraan vasthoudt zoals ik het u verkondigd heb, tenzij dat u tevergeefs geloofd hebt.” Met andere woorden is er een vals geloof wat niet blijft en tevergeefs blijkt te zijn. En vervolgens zien we het gevolg van het aannemen, het geloven en het staan in het Evangelie, het gevolg is de verlossing of de zaligheid is. Vers 2, “…waardoor u ook verlost wordt.”

En wat is de basis voor die verlossing van Gods oordeel over onze zonde? Het antwoord staat in de verzen 3 en 4: “… dat Christus gestorven is voor onze zonden, overeenkomstig de Schriften, en dat Hij  begraven is, en dat Hij opgewekt is op de derde dag, overeenkomstig de Schriften.” De basis of het fundament van Gods verlossing van mijn zonde is dat Hij Zijn Zoon gezonden heeft om deze zonden voor mij te dragen — dat Hij in mijn plaats stierf en opstond, overeenkomstig de Schriften. Het hart van het Evangelie is dat “Christus gestorven is voor onze zonden” (vers 3).

De vertrouwde boodschap van het Evangelie gaat er dus vanuit dat ik tegen God gezondigd heb. Ik heb andere dingen gekozen boven Zijn schoonheid en vriendschap. Ik heb Hem gelasterd doordat ik andere dingen meer liefhad dan dat ik Hem liefhad. Daarvoor verdien ik Zijn toorn en straf. Mijn ogen, mijn verstand en mijn geweten laten mij dit allemaal zien. In plaats dat Hij alleen Zijn toorn uitgiet over deze wereld van zondaren handelt God met enorme liefde, Hij zend Zijn Zoon om de belasterde heerlijkheid van God te herstellen. Hij laat Zijn waarde zien door de vloek te dragen van hen die verlost worden. Wanneer je dus je vertrouwen stelt op Jezus, en God vergeeft al je zonden, dan weet je dat het niet is omdat jij zo bijzonder bent, ook niet omdat de zonde niet zoveel voorstelt, ook niet omdat de heerlijkheid van God goedkoop is, maar omdat het bloed van Christus oneindig waardevol is. Onze verlossing is totaal afhankelijk van Hem in het herstellen van de schade die wij aan Gods heerlijkheid hebben aangericht.

Het voelt bijna godslasterlijk om dit gedeelte van het Evangelie het vertrouwde en zachte deel te noemen. Dat dit het gedeelte is wat makkelijk in onze broekzak past zonder dat het ons schokt. Want het is schokkend. Christus was de vleesgeworden God. De kruisiging was een afschuwelijke marteldaad. En de opstanding van Christus was de wereldwijde overwinning over de zonde, de dood, de hel en Satan. Het was allemaal onuitsprekelijk groot. Het Evangelie is het goede nieuws dat Jezus Christus, de Zoon van God — God uit God, mens uit mens — gekruisigd was om de zonden te dragen van iedereen die in Hem geloofd, en dat Hij is opgestaan om de dood te vernietigen en het eeuwige leven en de eeuwige vreugde in Zijn aanwezigheid te verdienen voor iedereen die in Hem geloofd.

Wat dit Evangelie eenvoudig maakt — één Evangelie — is de waarheid van Handelingen 4:12, “En de zaligheid is in geen ander, want er is onder de hemel geen andere Naam onder de mensen gegeven waardoor wij zalig moeten worden.” En Timotheüs 2:5, “Want er is één God. Er is ook  één Middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus.” En Johannes 14:6, “Jezus zei tegen hem: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij.” Met andere woorden, er is één Verlosser, één Evangelie en één manier om verlost te worden omdat er één God is en één universeel probleem. In elke cultuur, in elke etniciteit, overal en altijd moet dit probleem opgelost worden als iemand aan de toorn van God wil ontsnappen en eeuwige vreugde wil in Zijn aanwezigheid. Dat probleem is de zonde. De enige God heeft dat enige belangrijke probleem op één manier opgelost door één Verlosser, Jezus Christus.

Het Evangelie, grillig en vreemd

Nu gaan we van het vertrouwde naar het vreemde. Als het vertrouwde je niet schokt en je niet het gevoel geeft dat het Evangelie relevant is tegenover alle verschrikkingen, crisissen en terreur, laat me het dan nu proberen ongewoon te maken zodat het grillig en vreemd wordt in plaats van vertrouwd en zacht.

En waar kunnen we het vreemde beter zoeken dan in het Boek van de Openbaring, het vreemdste boek van de Bijbel? We gaan naar hoofdstuk 13.

De laatste jaren benader ik de Openbaring op een manier die ik de leer van de minste betekenis noem. Die gaat zo: zelfs de minste betekenis die je zeker weet in een gedeelte van de Openbaring is ontzettend belangrijk. Anders gezegd, zelfs als je maar de helft van de beelden in een hoofdstuk van de Openbaring begrijpt, kan dat wat je wel begrijpt je leven veranderen, als je het geloofd.

Laten we dus het vreemde gedeelte lezen over het beest in hoofdstuk 13 en zien hoe het Evangelie met heerlijkheid en grillige relevantie explodeert in een verschrikkelijke situatie waar Christenen verslagen zijn — gedood — door de kracht van Satan.

“En ik zag uit de zee een beest opkomen, dat zeven koppen en tien horens had, en op zijn horens waren tien diademen, en op zijn koppen een godslasterlijke naam. En het beest dat ik zag, leek op een panter, en zijn poten waren als die van een beer, en zijn muil was als de muil van een leeuw. En de draak gaf hem zijn kracht, zijn troon en grote macht. [Openbaring 12:9, En de grote draak werd neergeworpen, namelijk de oude slang, die duivel en satan genoemd wordt, die de hele wereld misleidt.] En ik zag een van zijn koppen als dodelijk gewond,  maar zijn dodelijke wond werd genezen. En de hele aarde ging het beest met verwondering achterna. En zij aanbaden de draak, omdat hij aan het beest macht gegeven had. En zij aanbaden het beest en zeiden: Wie is aan dit beest  gelijk? En wie kan er oorlog tegen voeren? En het werd een mond gegeven om grote woorden en godslasteringen te spreken, en het werd macht gegeven om dit  tweeënveertig maanden lang te doen. En het opende zijn mond om God te lasteren, om Zijn Naam te lasteren en Zijn tent en hen die in de hemel wonen. En het beest werd macht gegeven om oorlog te voeren tegen de heiligen en om hen te overwinnen, en hem werd macht gegeven over elke stam, taal en volk. En allen die op de aarde wonen, zullen het aanbidden, althans van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld. Indien iemand oren heeft, laat hij horen. Als iemand in gevangenschap voert, die gaat zelf in gevangenschap. Als iemand met het zwaard doodt, die moet zelf met het zwaard gedood worden. Hier is de volharding en het geloof van de heiligen” (Openbaring 13:1—10, EV).

We denken nu niet na over de identiteit van het beest of de tijd in de geschiedenis waar hij naar verwijst. We laten nu alleen de helderheid en kracht van de waarheid van het Evangelie uit deze tekst in onze geest binnendringen.

Vers 7: De Christenen worden overwonnen. “En het beest werd macht gegeven om oorlog te voeren tegen de heiligen en om hen te overwinnen.” Openbaring 11:7 maakt duidelijk wat deze overwinning betekend, “En wanneer zij hun getuigenis volbracht hebben, zal het beest dat uit de afgrond opkomt, oorlog met hen voeren en het zal hen overwinnen en hen doden.” Dit gebeurde al. In Openbaring 2:10 zegt Jezus tegen de kerk van Smyrna, “Wees niet bevreesd voor wat u lijden zult. Zie, de duivel zal sommigen van u in de gevangenis werpen, opdat u verzocht wordt. En u zult een verdrukking hebben van tien dagen. Wees trouw tot in de dood, en Ik zal u de kroon van het leven geven.” Satan doodt dus Christenen door zijn agenten. Dat gebeurde toen en dat gebeurd nu. Vandaag gebeurd dat in Syrië, Irak en Libië. Het gebeurd altijd omdat Jezus gezegd heeft dat het zou gebeuren. Lukas 21:16, “En u zult ook door ouders, broers, familieleden en vrienden overgeleverd worden, en zij zullen sommigen van u doden.”

Dat is dus de situatie. Onder Gods soevereine bestuur van de wereld heeft een verschrikkelijke satanische macht de overhand in deze wereld en worden Christenen massaal gedood. Mijn vraag is nu aan jou, zal jou Evangelie — of waar je ook je vertrouwen op stelt — je dragen door de slachting van Christenen in je stad of op jou school? Of is jou Evangelie zo zacht, vertrouwd en gewoon dat het dan krachteloos zal zijn?

Nu komen we bij vers 8, “En allen die op de aarde wonen, zullen het aanbidden, althans van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld.” Om te bevestigen dat dit niet zomaar een willekeurige uitspraak is lezen we ook nog Openbaring 17:8, “Het beest dat u gezien hebt, was en is niet; en het zal opkomen uit de afgrond en naar het verderf gaan. En zij die op de aarde wonen, van wie niet vanaf de grondlegging van de wereld de naam geschreven staat in het boek des levens, zullen zich verwonderen als zij het beest zien, dat was en niet is, hoewel het er toch is.” 

Dit is de manier waarop Johannes het Evangelie in de heerschappij van het beest duwt. Het is vreemd en grillig. Let op vers 8. Ik heb 8 opmerkingen.

  1. Het woord Lam. “…het boek des levens van het Lam Dat geslacht is.” Het Lam is Jezus, het Lam van God. We weten dit omdat Openbaring 1:5 verwijst naar: “Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden en de Vorst van de koningen der aarde. Hem Die ons heeft liefgehad en ons van onze zonden gewassen heeft  in Zijn bloed.” Zo hebben we hier het Lam in Openbaring 13:8 — het Lam van God, Jezus Christus.
  2. Het woord geslacht. “…het boek des levens van het Lam Dat geslacht is.” Het woord is niet gestorven of gedood. Letterlijk staat er “… afgeslacht is.” Dat is wat je doet met een lam, niet aan een kruis. Je hebt een nek en die wordt doorgesneden. Het is bloederig. Het is grillig.
  3. Het woord leven. “…het boek des levens van het Lam Dat geslacht is.” Dit is de Evangelie werkelijkheid dat er leven komt voor anderen wanneer het Lam Zijn leven geeft. Dat is de grote plaatsvervanging. De grote uitwisseling. Zijn dood voor onze dood. Zijn leven voor ons leven. Omdat Christus geslacht was krijgt iemand anders leven. Wie?
  4. Het woord boek. “…het boek des levens van het Lam Dat geslacht is.” Degenen van wie de namen in het boek staan zullen leven. Waarom zullen ze leven?
  5. Omdat de aanwezigheid in het boek hen ervan weerhoudt het beest te aanbidden. Kijk nu goed. Hun naam komt niet in het boek omdat ze vertrouwen op Jezus en het beest weerstaan. Het is andersom. Ze vertrouwen op Jezus en weerstaan het beest omdat hun namen in het boek staan. Vers 8, “En allen die op de aarde wonen, zullen het aanbidden, althans van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld.” Als je naam niet in het boek staat aanbid je het beest. Als je naam in het boek staat aanbid je het beest niet. Waarom niet?
  6. Omdat God ze als gekocht ziet door de betaling van het bloed van het Lam. Als ze in het boek staan dan zijn ze van Hem. Het bloed van het Lam bedekt hun zonden. Ze zijn rechtvaardig in Gods ogen. En daarom doet God alles voor hun eeuwige welzijn. Daarom zorgt Hij ervoor dat ze het beest niet aanbidden. Hij wil dat ze sterven — gedood en overwonnen worden — want ongeloof is tienduizend keer gevaarlijker dan de dood. Als je gekocht bent met het bloed van het Lam zal God je nooit laten gaan — je zult het beest niet aanbidden. En wanneer waren die namen in dat boek geschreven?
  7. De namen waren opgeschreven voor de grondlegging van de wereld. Vers 8, “…van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld.” (Ik weet dat er hier een dubbelzinnigheid is in het Grieks. “Voor de grondlegging van de wereld” kan slaan op het schrijven en op het slachten. Maar deze dubbelzinnigheid is er niet in Openbaring 17:8 waar duidelijk staat dat het om het schrijven gaat.) God heeft dus Zijn volk gekozen voordat de wereld bestond. (Dit lezen we ook in Efeze 1:4.) En waarom noemt Johannes deze waarheid hier, tijdens de meest verschrikkelijke vervolging van Christenen?
  8. Omdat die waarheid bedoeld is om diep vertrouwen en zekerheid te geven aan lijdende gelovigen in het Evangelie. Je staat op punt gedood te worden. Satan en zijn beest hebben, voorlopig, de overhand. Overal waar je kijkt zie je Christenen sterven. Rust jou zekerheid op jou zwakke en wispelturige wil? Nee, jou zekerheid stond al vast voor de schepping van de wereld. Je zekerheid rust op God.

We hebben een groot Evangelie

Dat brengt mij terug naar dit moment aan het einde van 2015. Ik weet niet of God ons in Amerika nog een periode van geestelijke herleving en vrijheid wil geven, of dat Hij ons overgeeft aan vervolging en de dood. Maar dit weet ik, we hebben een groot Evangelie. Jezus Christus, de Zoon van God, het Lam, is geslacht om de zonden te bedekken van iedereen die in het boek des levens geschreven is, om hen te verzekeren van het almachtige werk van God wat hen er van weerhoudt het beest te aanbidden — of enig ander schepsel in deze wereld.

De grootste vraag voor jou aan het einde van 2015 is: Staat jou naam in het boek? We kunnen het niet stiekem inzien. Aan je reactie op het Lam dat geslacht is kun je zien of je in het boek staat. Aan je reactie op het Evangelie kun je het zien. Het enige, eenvoudige, vreemde, grillige en heerlijke Evangelie.

Ik eindig waar Johannes zijn boek eindigt, “Laat hij die dorst heeft, komen; en laat hij die wil, het water des levens nemen, voor niets” (Openbaring 22:17). Het Evangelie van Jezus voor de vergeving van je zonden is helemaal gratis. Het kostte het leven van het Lam, maar voor jou is helemaal gratis. Als je het aanneemt, erin staat, het vasthoudt en het gelooft, dan is je naam geschreven in het boek. Hij zal je vasthouden tot het einde en je zult niets of niemand dan God aanbidden.

Mijn doel is niet alleen om het Christelijke Evangelie duidelijk en eenvoudig te maken, maar ook om het ongewoon te maken zodat het grillig en vreemd voelt in plaats van zacht en vertrouwd. Ik doe dit om er voor te zorgen dat het Evangelie van Jezus Christus je niet vreemd is in je leven als het onrustig is om je heen. Als de gebeurtenissen in deze wereld

  • je verschrikken,
  • je gespannen en slapeloos maken,
  • je zo verwarren dat je nauwelijks meer weet wat je van mensen kunt verwachten,
  • je misselijk maken door de gruweldaden die je ziet — zoals het doorsnijden van een keel op het strand in Libië,
  • er toe leiden dat je geen hoop hebt voor de toekomst vanwege alle onzekerheden en bedreigingen,
  • je het gevoel geven dat de grond onder je voeten wegzinkt zodat je niet meer in evenwicht komt en je jezelf stabiel voelt,

dan moeten we er zeker van zijn dat deze gebeurtenissen niet vreemd zijn voor het Evangelie van Jezus Christus. Het Evangelie van Jezus Christus is niet vreemd of ontoepasselijk voor die verschrikking, die spanning, die slapeloosheid, die verwarring, die misselijkmakende gruweldaad, die hopeloosheid, die onzekerheid en die instabiliteit. Integendeel, hoe verschrikkelijker, vreemder, ontstellender, angstaanjagender, onzekerder en meer misselijkmakend de dagen worden, des te relevanter is het Evangelie van Jezus Christus.

Ik beken dat ik zwak ben en dat ik hier allereerst tegen mijzelf preek. Want ik voelde de afgelopen weken, meer dan eens, een knoop in mijn maag toen 130 mensen gedood werden door de terroristische aanslag in Parijs (13 november 2015) en toen 14 mensen neergeschoten werden in San Bernardino (2 december 2015). Er komt een knoop in mijn maag als ik bijna dagelijks de alarmerende verslagen hoor van de wreedheden tegen Christenen in het Midden-Oosten. Mijn stabiliteit in deze wereld beeft als ik lees van het groeiende aantal jongeren die zich aansluiten bij ISIS, Hamas, Hezbollah en Al-Qaeda, zeker als ik realiseer dat minstens twaalf van hen uit de Somalische gemeenschap komen binnen loopafstand van mijn huis in Minneapolis.

Ik heb een soort onheilspellend en zinkend gevoel in mijn hart wanneer ik hoor dat het Vaticaan (waarschijnlijk onder het gezag van de Paus) aankondigt dat zij het nu als verkeerd beschouwen wanneer Christenen het Evangelie delen met de Joden zodat ze in Jezus kunnen gaan geloven. Dat gevoel heb ik ook wanneer ik hoor dat een professor van een Christelijke universiteit zegt dat Christenen en Moslims dezelfde God aanbidden. Of als ik lees van een presidentskandidaat die alle Moslims met dezelfde kwast van wantrouwen schildert terwijl de andere kandidaat ze, net zo naïef, allemaal met dezelfde kwast van vrede schildert. Mijn hart zonk toen ik hoorde dat de president van een Christelijke universiteit zijn 14000 studenten opriep om een wapenvergunning aan te vragen zodat ze “deze Moslims” een lesje konden leren als ze hier zouden komen. En ik wilde huilen toen ik zag hoe jonge Christenen de weg kwijtraakten en opgeslokt werden in de culturele stroom van seksuele waanzin toen het Hooggerechtshof van de Verenigde Staten verklaarde dat een vierkant een rondje is in hun nieuwe zogenaamde definitie van het huwelijk.

Ik weet wat het is om een scheiding te voelen tussen de desoriënterende gevolgen van wereldschokkende veranderingen en het gewoon geworden, zachte, vertrouwde Evangelie van Jezus Christus. Ik moest stilstaan en bidden, “O God, laat me opnieuw de onpeilbare diepten, onmetelijke hoogten en de grillige vreemdheid van het Evangelie zien zodat ik haar kracht en schoonheid kan zien in deze uiteenvallende wereld. Het Evangelie wat nauwkeurig verbonden is aan deze wereld.”

Het Evangelie, vertrouwd en zacht

Laten we beginnen met dat wat vertrouwd is en daarna het vreemde bespreken. We kijken eerst kort naar 1 Korinthe 15:1—4.

“Verder maak ik u bekend, broeders, het Evangelie, dat ik u verkondigd heb, dat u ook aangenomen hebt, waarin u ook staat, waardoor u ook verlost wordt [van Gods oordeel en toorn, Romeinen 5:9; Efeze 2:3—5], als u eraan vasthoudt zoals ik het u verkondigd heb, tenzij dat u tevergeefs geloofd hebt. Want ik heb u ten eerste overgeleverd wat ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, overeenkomstig de Schriften, en dat Hij  begraven is, en dat Hij opgewekt is op de derde dag, overeenkomstig de Schriften” (1 Korinthe 15:1—4, EV).

Let allereerst op het woord Evangelie. Je leest dat in vers 1, “Verder maak ik u bekend, broeders, het Evangelie.” Het woord evangelie betekend goed nieuws. Let vervolgens op de reactie op het Evangelie, we nemen het aan, we staan erin, we houden eraan vast en we geloven het. Verzen 1 en 2, “…het Evangelie, dat ik u verkondigd heb, dat u ook aangenomen hebt, waarin u ook staat, waardoor u ook verlost wordt als u eraan vasthoudt zoals ik het u verkondigd heb, tenzij dat u tevergeefs geloofd hebt.” Met andere woorden is er een vals geloof wat niet blijft en tevergeefs blijkt te zijn. En vervolgens zien we het gevolg van het aannemen, het geloven en het staan in het Evangelie, het gevolg is de verlossing of de zaligheid is. Vers 2, “…waardoor u ook verlost wordt.”

En wat is de basis voor die verlossing van Gods oordeel over onze zonde? Het antwoord staat in de verzen 3 en 4: “… dat Christus gestorven is voor onze zonden, overeenkomstig de Schriften, en dat Hij  begraven is, en dat Hij opgewekt is op de derde dag, overeenkomstig de Schriften.” De basis of het fundament van Gods verlossing van mijn zonde is dat Hij Zijn Zoon gezonden heeft om deze zonden voor mij te dragen — dat Hij in mijn plaats stierf en opstond, overeenkomstig de Schriften. Het hart van het Evangelie is dat “Christus gestorven is voor onze zonden” (vers 3).

De vertrouwde boodschap van het Evangelie gaat er dus vanuit dat ik tegen God gezondigd heb. Ik heb andere dingen gekozen boven Zijn schoonheid en vriendschap. Ik heb Hem gelasterd doordat ik andere dingen meer liefhad dan dat ik Hem liefhad. Daarvoor verdien ik Zijn toorn en straf. Mijn ogen, mijn verstand en mijn geweten laten mij dit allemaal zien. In plaats dat Hij alleen Zijn toorn uitgiet over deze wereld van zondaren handelt God met enorme liefde, Hij zend Zijn Zoon om de belasterde heerlijkheid van God te herstellen. Hij laat Zijn waarde zien door de vloek te dragen van hen die verlost worden. Wanneer je dus je vertrouwen stelt op Jezus, en God vergeeft al je zonden, dan weet je dat het niet is omdat jij zo bijzonder bent, ook niet omdat de zonde niet zoveel voorstelt, ook niet omdat de heerlijkheid van God goedkoop is, maar omdat het bloed van Christus oneindig waardevol is. Onze verlossing is totaal afhankelijk van Hem in het herstellen van de schade die wij aan Gods heerlijkheid hebben aangericht.

Het voelt bijna godslasterlijk om dit gedeelte van het Evangelie het vertrouwde en zachte deel te noemen. Dat dit het gedeelte is wat makkelijk in onze broekzak past zonder dat het ons schokt. Want het is schokkend. Christus was de vleesgeworden God. De kruisiging was een afschuwelijke marteldaad. En de opstanding van Christus was de wereldwijde overwinning over de zonde, de dood, de hel en Satan. Het was allemaal onuitsprekelijk groot. Het Evangelie is het goede nieuws dat Jezus Christus, de Zoon van God — God uit God, mens uit mens — gekruisigd was om de zonden te dragen van iedereen die in Hem geloofd, en dat Hij is opgestaan om de dood te vernietigen en het eeuwige leven en de eeuwige vreugde in Zijn aanwezigheid te verdienen voor iedereen die in Hem geloofd.

Wat dit Evangelie eenvoudig maakt — één Evangelie — is de waarheid van Handelingen 4:12, “En de zaligheid is in geen ander, want er is onder de hemel geen andere Naam onder de mensen gegeven waardoor wij zalig moeten worden.” En Timotheüs 2:5, “Want er is één God. Er is ook  één Middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus.” En Johannes 14:6, “Jezus zei tegen hem: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij.” Met andere woorden, er is één Verlosser, één Evangelie en één manier om verlost te worden omdat er één God is en één universeel probleem. In elke cultuur, in elke etniciteit, overal en altijd moet dit probleem opgelost worden als iemand aan de toorn van God wil ontsnappen en eeuwige vreugde wil in Zijn aanwezigheid. Dat probleem is de zonde. De enige God heeft dat enige belangrijke probleem op één manier opgelost door één Verlosser, Jezus Christus.

Het Evangelie, grillig en vreemd

Nu gaan we van het vertrouwde naar het vreemde. Als het vertrouwde je niet schokt en je niet het gevoel geeft dat het Evangelie relevant is tegenover alle verschrikkingen, crisissen en terreur, laat me het dan nu proberen ongewoon te maken zodat het grillig en vreemd wordt in plaats van vertrouwd en zacht.

En waar kunnen we het vreemde beter zoeken dan in het Boek van de Openbaring, het vreemdste boek van de Bijbel? We gaan naar hoofdstuk 13.

De laatste jaren benader ik de Openbaring op een manier die ik de leer van de minste betekenis noem. Die gaat zo: zelfs de minste betekenis die je zeker weet in een gedeelte van de Openbaring is ontzettend belangrijk. Anders gezegd, zelfs als je maar de helft van de beelden in een hoofdstuk van de Openbaring begrijpt, kan dat wat je wel begrijpt je leven veranderen, als je het geloofd.

Laten we dus het vreemde gedeelte lezen over het beest in hoofdstuk 13 en zien hoe het Evangelie met heerlijkheid en grillige relevantie explodeert in een verschrikkelijke situatie waar Christenen verslagen zijn — gedood — door de kracht van Satan.

“En ik zag uit de zee een beest opkomen, dat zeven koppen en tien horens had, en op zijn horens waren tien diademen, en op zijn koppen een godslasterlijke naam. En het beest dat ik zag, leek op een panter, en zijn poten waren als die van een beer, en zijn muil was als de muil van een leeuw. En de draak gaf hem zijn kracht, zijn troon en grote macht. [Openbaring 12:9, En de grote draak werd neergeworpen, namelijk de oude slang, die duivel en satan genoemd wordt, die de hele wereld misleidt.] En ik zag een van zijn koppen als dodelijk gewond,  maar zijn dodelijke wond werd genezen. En de hele aarde ging het beest met verwondering achterna. En zij aanbaden de draak, omdat hij aan het beest macht gegeven had. En zij aanbaden het beest en zeiden: Wie is aan dit beest  gelijk? En wie kan er oorlog tegen voeren? En het werd een mond gegeven om grote woorden en godslasteringen te spreken, en het werd macht gegeven om dit  tweeënveertig maanden lang te doen. En het opende zijn mond om God te lasteren, om Zijn Naam te lasteren en Zijn tent en hen die in de hemel wonen. En het beest werd macht gegeven om oorlog te voeren tegen de heiligen en om hen te overwinnen, en hem werd macht gegeven over elke stam, taal en volk. En allen die op de aarde wonen, zullen het aanbidden, althans van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld. Indien iemand oren heeft, laat hij horen. Als iemand in gevangenschap voert, die gaat zelf in gevangenschap. Als iemand met het zwaard doodt, die moet zelf met het zwaard gedood worden. Hier is de volharding en het geloof van de heiligen” (Openbaring 13:1—10, EV).

We denken nu niet na over de identiteit van het beest of de tijd in de geschiedenis waar hij naar verwijst. We laten nu alleen de helderheid en kracht van de waarheid van het Evangelie uit deze tekst in onze geest binnendringen.

Vers 7: De Christenen worden overwonnen. “En het beest werd macht gegeven om oorlog te voeren tegen de heiligen en om hen te overwinnen.” Openbaring 11:7 maakt duidelijk wat deze overwinning betekend, “En wanneer zij hun getuigenis volbracht hebben, zal het beest dat uit de afgrond opkomt, oorlog met hen voeren en het zal hen overwinnen en hen doden.” Dit gebeurde al. In Openbaring 2:10 zegt Jezus tegen de kerk van Smyrna, “Wees niet bevreesd voor wat u lijden zult. Zie, de duivel zal sommigen van u in de gevangenis werpen, opdat u verzocht wordt. En u zult een verdrukking hebben van tien dagen. Wees trouw tot in de dood, en Ik zal u de kroon van het leven geven.” Satan doodt dus Christenen door zijn agenten. Dat gebeurde toen en dat gebeurd nu. Vandaag gebeurd dat in Syrië, Irak en Libië. Het gebeurd altijd omdat Jezus gezegd heeft dat het zou gebeuren. Lukas 21:16, “En u zult ook door ouders, broers, familieleden en vrienden overgeleverd worden, en zij zullen sommigen van u doden.”

Dat is dus de situatie. Onder Gods soevereine bestuur van de wereld heeft een verschrikkelijke satanische macht de overhand in deze wereld en worden Christenen massaal gedood. Mijn vraag is nu aan jou, zal jou Evangelie — of waar je ook je vertrouwen op stelt — je dragen door de slachting van Christenen in je stad of op jou school? Of is jou Evangelie zo zacht, vertrouwd en gewoon dat het dan krachteloos zal zijn?

Nu komen we bij vers 8, “En allen die op de aarde wonen, zullen het aanbidden, althans van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld.” Om te bevestigen dat dit niet zomaar een willekeurige uitspraak is lezen we ook nog Openbaring 17:8, “Het beest dat u gezien hebt, was en is niet; en het zal opkomen uit de afgrond en naar het verderf gaan. En zij die op de aarde wonen, van wie niet vanaf de grondlegging van de wereld de naam geschreven staat in het boek des levens, zullen zich verwonderen als zij het beest zien, dat was en niet is, hoewel het er toch is.” 

Dit is de manier waarop Johannes het Evangelie in de heerschappij van het beest duwt. Het is vreemd en grillig. Let op vers 8. Ik heb 8 opmerkingen.

  1. Het woord Lam. “…het boek des levens van het Lam Dat geslacht is.” Het Lam is Jezus, het Lam van God. We weten dit omdat Openbaring 1:5 verwijst naar: “Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden en de Vorst van de koningen der aarde. Hem Die ons heeft liefgehad en ons van onze zonden gewassen heeft  in Zijn bloed.” Zo hebben we hier het Lam in Openbaring 13:8 — het Lam van God, Jezus Christus.
  2. Het woord geslacht. “…het boek des levens van het Lam Dat geslacht is.” Het woord is niet gestorven of gedood. Letterlijk staat er “… afgeslacht is.” Dat is wat je doet met een lam, niet aan een kruis. Je hebt een nek en die wordt doorgesneden. Het is bloederig. Het is grillig.
  3. Het woord leven. “…het boek des levens van het Lam Dat geslacht is.” Dit is de Evangelie werkelijkheid dat er leven komt voor anderen wanneer het Lam Zijn leven geeft. Dat is de grote plaatsvervanging. De grote uitwisseling. Zijn dood voor onze dood. Zijn leven voor ons leven. Omdat Christus geslacht was krijgt iemand anders leven. Wie?
  4. Het woord boek. “…het boek des levens van het Lam Dat geslacht is.” Degenen van wie de namen in het boek staan zullen leven. Waarom zullen ze leven?
  5. Omdat de aanwezigheid in het boek hen ervan weerhoudt het beest te aanbidden. Kijk nu goed. Hun naam komt niet in het boek omdat ze vertrouwen op Jezus en het beest weerstaan. Het is andersom. Ze vertrouwen op Jezus en weerstaan het beest omdat hun namen in het boek staan. Vers 8, “En allen die op de aarde wonen, zullen het aanbidden, althans van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld.” Als je naam niet in het boek staat aanbid je het beest. Als je naam in het boek staat aanbid je het beest niet. Waarom niet?
  6. Omdat God ze als gekocht ziet door de betaling van het bloed van het Lam. Als ze in het boek staan dan zijn ze van Hem. Het bloed van het Lam bedekt hun zonden. Ze zijn rechtvaardig in Gods ogen. En daarom doet God alles voor hun eeuwige welzijn. Daarom zorgt Hij ervoor dat ze het beest niet aanbidden. Hij wil dat ze sterven — gedood en overwonnen worden — want ongeloof is tienduizend keer gevaarlijker dan de dood. Als je gekocht bent met het bloed van het Lam zal God je nooit laten gaan — je zult het beest niet aanbidden. En wanneer waren die namen in dat boek geschreven?
  7. De namen waren opgeschreven voor de grondlegging van de wereld. Vers 8, “…van wie de namen niet zijn geschreven in het boek des levens van het Lam Dat geslacht is, voor de grondlegging van de wereld.” (Ik weet dat er hier een dubbelzinnigheid is in het Grieks. “Voor de grondlegging van de wereld” kan slaan op het schrijven en op het slachten. Maar deze dubbelzinnigheid is er niet in Openbaring 17:8 waar duidelijk staat dat het om het schrijven gaat.) God heeft dus Zijn volk gekozen voordat de wereld bestond. (Dit lezen we ook in Efeze 1:4.) En waarom noemt Johannes deze waarheid hier, tijdens de meest verschrikkelijke vervolging van Christenen?
  8. Omdat die waarheid bedoeld is om diep vertrouwen en zekerheid te geven aan lijdende gelovigen in het Evangelie. Je staat op punt gedood te worden. Satan en zijn beest hebben, voorlopig, de overhand. Overal waar je kijkt zie je Christenen sterven. Rust jou zekerheid op jou zwakke en wispelturige wil? Nee, jou zekerheid stond al vast voor de schepping van de wereld. Je zekerheid rust op God.

We hebben een groot Evangelie

Dat brengt mij terug naar dit moment aan het einde van 2015. Ik weet niet of God ons in Amerika nog een periode van geestelijke herleving en vrijheid wil geven, of dat Hij ons overgeeft aan vervolging en de dood. Maar dit weet ik, we hebben een groot Evangelie. Jezus Christus, de Zoon van God, het Lam, is geslacht om de zonden te bedekken van iedereen die in het boek des levens geschreven is, om hen te verzekeren van het almachtige werk van God wat hen er van weerhoudt het beest te aanbidden — of enig ander schepsel in deze wereld.

De grootste vraag voor jou aan het einde van 2015 is: Staat jou naam in het boek? We kunnen het niet stiekem inzien. Aan je reactie op het Lam dat geslacht is kun je zien of je in het boek staat. Aan je reactie op het Evangelie kun je het zien. Het enige, eenvoudige, vreemde, grillige en heerlijke Evangelie.

Ik eindig waar Johannes zijn boek eindigt, “Laat hij die dorst heeft, komen; en laat hij die wil, het water des levens nemen, voor niets” (Openbaring 22:17). Het Evangelie van Jezus voor de vergeving van je zonden is helemaal gratis. Het kostte het leven van het Lam, maar voor jou is helemaal gratis. Als je het aanneemt, erin staat, het vasthoudt en het gelooft, dan is je naam geschreven in het boek. Hij zal je vasthouden tot het einde en je zult niets of niemand dan God aanbidden.